Series: |
Vaderlandsche historieplaten voor scholen en huisgezinnen |
|---|---|
Tijdlijn: |
Ontdekkers en hervormers / 80 jaar oorlog |
Plaats van de handeling: |
Vlissingen |
Illustrator: |
Eichman, J.H. en Altmann, H. |
Uitgeverij: |
L. de Fouw, Goes |
Jaar van uitgave: |
1856 |
Thema's: |
Uit de handleiding uit 1857: Groot en algemeen was de verslagenheid, na den zoo treurigen dood van Prins Willem van Oranje. Nu meende men nog, dat vreemde hulp onontbeerlijk was, en wendde zich eerst tot Frankrijk, nadat men, ter uitoefening van het Hoog Bestuur een Raad van State, met den jeugdigen Maurits aan 't hoofd, had opgerigt. Men bood met alle onderdanigheid Koning Hendrik III de Opperheerschappij over deze gewesten aan, die allengs meer tot de zeven Noordelijke Provinciën bepaald werden. Maar de Koning wees die gelukkig van de hand. Alzoo men bij Koning Hendrik III niet geslaagd was, deed men Koningin Elisabeth van Engeland hetzelfde aanbod; maar ook zij wees het af. Echter beloofde zij hulp van troepen en een 'bekwaam' Legerhoofd om die troepen aan te voeren. En dit leidt ons tot den man, die de hoofdpersoon op deze plaat uitmaakt. Den 20 December 1885 kwam Robert Dudley, Graaf van Leycester, in Nederland en wel te Vlissingen aan, vergezeld van de Baronnen Audley en North en een menigte Edellieden. Wij zien hem voor ons, als ook hoe wellevend hij door Maurits, Hohenlo en Willem Lodewijk van Nassau ontvangen en welkom geheeten wordt. Nog vóór de komst van Leycester hadden Holland en Zeeland het Stadhouderschap in hun gewest aan Maurits opgedragen, en hem den titel verleend van Geboren Prins van Oranje. Dit was Leycester niet welgevallig. Het stond zijn heerschzucht in den weg, dat hij nu in Holland geen zeer groten invloed zou kunnen uitoefenen. Hohenlo was algemeen Legerhoofd en Willem Lodewijk Stadhouder van Friesland, en later ook van Groningen. Ofschoon er verschillend over Leycester geoordeeld wordt, is het zeker dat zijn verblijf alhier aanleiding tot veel verdeeldheid gegeven heeft, en dat hij tegen de Spanjaarden zeer weinig uitvoerde. Leycester stak in December 1587 weder naar Engeland over, misnoegd en verontwaardigd over velerlei onaangename bejegeningen.